Wat voor afval?
Het verdrag bestaat uit drie delen:
A. de verzameling, afgifte en inname van olie- en vethoudend scheepsbedrijfsafval zoals bilgewater en olieresten,
B. de verzameling, afgifte en inname van afval afkomstig van lading,
C. de verzameling, afgifte en inname van overig scheepsafval zoals het huishoudelijk afval aan boord.
Waar geldt het?
Het verdrag is in België, Duitsland en Nederland van toepassing op alle voor de binnenvaart openstaande waterwegen. In het Groothertogdom Luxemburg, Zwitserland en Frankrijk geldt het alleen op de grotere vaarwegen. Concreet zijn dat de Luxemburgse Moezel, de Zwitserse Rijn tussen Basel en Rheinfelden, en in Frankrijk de volgende trajecten:
- Deel A op de Rijn en de gekanaliseerde Moezel tot Metz (km 298,5).
- Deel B en C op de Rijn, de gekanaliseerde Moezel tot Neuves-Maisons (km 392,45), het kanaal Niffer-Mulhouse, het kanaal tussen de sluis van Pont Malin (km 0,0) en de Frans-Belgische grens (km 36,561), het kanaal tussen de sluis van Pont Malin (km 0,0) en de sluis van Mardyck (km 143,075), het kanaal tussen Bauvin (km 0,0) en de Frans-Belgische grens (km 33,850).
Voor wie geldt het?
In de praktijk krijgt iedereen die in of met de binnenvaart werkt, met het verdrag te maken: varende ondernemers, hun bemanningsleden, bunkerbedrijven, verladers, tussenpersonen enzovoort. Voor pleziervaarders verandert er niets.
Olie- en vethoudend afval?
Het verdrag bepaalt dat eigenaars van ‘gemotoriseerde vaartuigen of drijvende werktuigen waarvan de hoofd- en de hulpmotoren (met uitzondering van de ankerliermotoren) gasolie verbruiken, een verwijderingsbijdrage moeten betalen op basis van het volume gebunkerde gasolie. Met dat bedrag zullen afgewerkte olie, bilgewater, oliehoudende filters, vaten, etc. worden ingezameld en verwerkt. Omdat het betalingssysteem voor die bijdrage nog niet klaar is, wordt dit luik in alle verdragstaten en dus ook in België pas vanaf 1 juli 2010 van toepassing. Voor die datum zal het Instituut voor de Belgische Binnenwateren (ITB) alle binnenvaartondernemers een document sturen waarmee ze een Eco-kaart en Eco-rekening kunnen aanvragen. Het is de bedoeling dat op die rekening een bijdrage wordt gestort die is afgestemd op je gasolieverbruik. Tijdens de eerste periode van het verdrag wordt bij iedere bunkerbeurt per 1000 liter gasolie 7,5 euro (excl. BTW) afgewaardeerd. Het bunkerbedrijf geeft je daarvan een bewijs mee, dat je minstens zes maanden moet bijhouden. Als het saldo op je Eco-kaart ontoereikend is, krijg je een document mee dat je ertoe verbindt om binnen de 15 dagen je bijdrage plus een kleine administratieve kost te betalen.
Afval afkomstig van lading?
Dit is het meest ingrijpende luik. Het verdrag bepaalt dat degene die het schip lost of in wiens opdracht het wordt gelost, verantwoordelijk is voor het opleveren van het schip volgens de standaarden per goederensoort en diezelfde partij is ook verplicht om de restlading en de overslagresten te ontvangen. De verlader, dan wel de ladingontvanger is dus verantwoordelijk voor de kosten om het schip, afhankelijk van de goederensoort, veegschoon of zuigschoon op te leveren, of om de laadruimen en ladingtanks na te lenzen en te wassen. Ook eventuele extra wachttijden, omwegen die het gevolg zijn van het schoonmaken, en het verwijderen van regenwater en/of lekwater uit de lading zijn voor rekening van degene die het schip lost. In eerste instantie geldt de tabel hieronder, later worden de standaarden strikter (zie link stoffenlijst hieronder).
De partij die het schip lost, kan zelf de nodige stappen ondernemen om de voorgeschreven standaarden te bereiken. Ze mag echter ook de werkzaamheden die daaraan verbonden zijn aan een ontvangstvoorziening of andere derde uitbesteden. Een schip mag de losplek niet verlaten vooraleer het van de lossende partij een losverklaring (zie website hieronder) heeft ontvangen. Enkel indien de ligtijd is verstreken wordt hierop een uitzondering voorzien. Die moet in tweevoud worden ingevuld en door de schipper zijn gecontroleerd en ondertekend. Als er waswater aan een ontvangstinstallatie werd afgeleverd, moet ook de verantwoordelijke van die installatie het document ondertekenen. De lossende partij bewaart zijn losverklaringen in de bedrijfsadministratie. De schipper houdt het document minstens zes maanden aan boord.
Om de kostprijs van de binnenvaart niet onnodig op te drijven, zal met alle betrokken partijen worden overlegd over hoe de regels zo goed en efficiënt mogelijk kunnen worden toegepast. Zo bestaat er een regeling voor eenheidstransporten waarbij tijdens opeenvolgende reizen dezelfde of met elkaar verenigbare lading wordt vervoerd zonder dat het laadruim of de ladingtanks moeten worden gereinigd. Ook bij deze regeling moet de schipper over een losverklaring beschikken. Momenteel wordt nog gepraat over overgangstermijnen om voor een aantal goederen de nodige ontvangstinstallaties te voorzien. In Nederland heeft de Stichting Scheepsafvalstoffenverdrag (SAV) een handboek over de modaliteiten van het nieuwe verdrag met een model van een losverklaring uitgebracht (zie link hieronder). In België is het ITB druk in de weer om een gelijkaardig naslagwerk met de nodige documenten samen te stellen.
Overig scheepsafval?
Dit luik handelt over de inzameling en verder verwijdering van het huishoudelijk afval, dat normaal is inbegrepen in de havengelden. Voor een aantal afvalstromen, zoals klein gevaarlijk afval, zuiveringsslib of huishoudelijk afvalwater van passagierschepen, moeten de verdragsluitende staten nog een verdere overeenkomst sluiten.
Overzicht lozing belangrijkste goederensoorten
Goederensoort (en -nr.) |
Lozing in de waterweg |
Lozen op riool |
Bijzondere behandeling |
Opmerking |
granen (01) |
A |
A |
|
1 |
hout (05) |
A |
A |
|
1 |
Suikerbieten (06) |
A |
A |
|
|
oliehoudende zaden (18) |
A |
- |
|
|
vaste minerale brandstoffen (2) |
A |
|
S |
4 |
minerale olieproducten (34) |
|
|
S |
|
Ertsen (4) |
A |
A |
S |
|
ijzer, staal (incl. halffabrikaten) (5) |
A |
A |
S |
6 |
stenen en grond (6) |
A |
|
S |
6 |
chemische meststoffen (72) |
- |
B |
S |
11 |
Legende:
A = bezemschoon of nagelensd in de laadruimen of ladingtanks.
B = vacuümschoon in de laadruimen.
S = afgifte van waswater, regenwater of ballastwater aan ontvangstinrichtingen voor bijzondere behandeling S. De behandelwijze hangt af van de aard van de soort lading, bijvoorbeeld over de opgeslagen lading spuiten, afvoeren naar een zuiveringsinstallatie, verwerking in een installatie voor afvalwater.
1 = onbehandeld.
4 & S = sproeien over opslag aan de wal en afvoeren naar zuiveringsinstallatie.
6 = indien met minerale olie besmeurd.
11 = indien vacuümschoon niet mogelijk.
[bron: SAV-handboek Afvalstoffenverdrag]
- Je vindt het Nederlandse handboek, met model losverklaring en nalensverklaring op:
www.rijkswaterstaat.nl/sav-handboek
(voor de los- en nalensverklaring: download de bijlagen bij het handboek)
- Voor de volledige tekst van het Afvalstoffenverdrag en de stoffenlijst met Euralcodes
http://www.sabni.nl (> SAV/Verdrag)
- Voor België is het ITB aangeduid als verantwoordelijke organisatie voor de uitvoering van en de communicatie over het verdrag: www.itb-info.be of T 02 226 40 77 cdni@itb-info.be.
|